Introductie
De tentoonstelling Wonderland, Through The Looking Glass grijpt terug op de beeldende kunst die een literair karakter heeft. Het ver-beelden van ‘verhalen’ was eeuwenlang de basis voor de schilder- en beeldhouwkunst. Met de intrede van het ‘modernisme’ en later de conceptuele kunst is deze traditie steeds meer naar de achter-grond gedrukt. Met name de laatste decennia was ‘het idee’ belangrijker dan ‘het verhaal’. In Wonderland, Through The Looking Glass staan kunstenaars centraal die dat verhaal weer helemaal centraal zetten. Hun referentie is de anekdote, de fantasie, de droom, de associatie. Het is werk met een fabelachtig of sprookjesachtig karakter, waarin aanspraak wordt gemaakt op de eigen verbeeldings-kracht van de kijker. De kunst in Wonderland prikkelt die verbeelding met werk dat verleidelijk verhalend is, maar ook scherpe (en duistere) kanten heeft. Het zijn ‘sprookjes’ (of sprookjes-landschappen) met een twist.